Direct naar content

Kwaliteitsstatuut

Kwaliteitsstatuut van DKP

Bijgewerkt op 04-12-2025

Goedgekeurd kwaliteitsstatuut ggz – Instelling format 4.0


Per 1 januari 2017 zijn alle aanbieders van ‘geneeskundige ggz’, dat wil zeggen generalistische basis-ggz en gespecialiseerde ggz binnen de Zorgverzekeringswet, verplicht een kwaliteitsstatuut openbaar te maken. Dit betreft een goedgekeurd kwaliteitsstatuut.


I. Algemene informatie

  • Gegevens ggz-aanbieder
    Handelsnaam: DKP
    Hoofd postadres straat en huisnummer: WG-plein 393
    Hoofd postadres postcode en plaats: 1054SG AMSTERDAM
    Website: www.dkp.nl
    KvK nummer: 69072418
    AGB-code 1: 22220968
  • Gegevens contactpersoon/aanspreekpunt
    Naam: W.A.T. Krebbers
    E-mailadres: w.krebbers@dkp.nl
    Tweede e-mailadres
    Telefoonnummer: 0206711558
  • Onze locaties vindt u hier
    Link: https://dkp.nl/contact/
  • Beschrijving aandachtsgebieden/zorgaanbod:
    DKP biedt geestelijke gezondheidszorg en arbeid-gerelateerde zorg.
    Binnen de GGZ, biedt DKP zowel diagnose als behandeling bij lichte tot en met zeer ernstige problematiek met langdurige psychische aandoening voor indicatieve periode van zorg: 3+ jaar, voor o.a. angsten, dwang, trauma (PTSS) depressie, SOLK, sommige vormen van verslaving en persoonlijkheidsproblematiek, waarvoor doorgaans cognitieve gedragstherapie en schematherapie worden ingezet. Hierbij is geen sprake van een spoedeisend karakter of noodzaak tot opname.
    Verwanten en familieleden die deel uitmaken van het systeem worden persoonlijk uitgenodigd met toestemming van cliënt. Bovendien is DKP gespecialiseerd in werk gerelateerde diensten, zoals preventie, vitaliteit, interventie en arbeidsre-integratie spoor 1.
    Naast face-to-face behandelsessies maakt DKP ook gebruik van EHealth als behandelmethode. Het is onze missie om cliënten te (her)sterken in hun persoonlijke en werkzame leven. We richten ons daarbij op de individuele klant met een hulpvraag en op organisaties met het doel de gezondheid, vitaliteit en duurzame inzetbaarheid van haar werknemers te vergroten.
    Cliënten met de volgende hoofddiagnose(s) kunnen in mijn instelling terecht:
    – Angststoornissen
    – Bipolaire stemmingsstoornissen
    – Depressieve stemmingsstoornissen
    – Neurobiologische ontwikkelingsstoornissen
    – Obsessieve-compulsieve en verwante stoornissen
    – Persoonlijkheidsstoornissen
    – Trauma en stress gerelateerde stoornissen
    – Restgroep (Dissociatieve stoornissen; Stoornissen in zindelijkheid; Slaap-waakstoornissen; Seksuele disfuncties; Genderdysforie; disruptieve impulsbeheersings- en andere gedragsstoornissen; Parafiele stoornissen; Overige psychische stoornissen; Bewegingsstoornissen en andere bijwerkingen van medicatie)
    – Somatische symptoomstoornis en verwante stoornissen
    – Andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn

    Biedt uw organisatie hoogspecialistische ggz (3e lijns ggz):
    Nee
    Heeft u nog overige specialismen:
    Ja: Dubbele diagnose (aanbod specifiek gericht op behandeling van bijvoorbeeld verslaving in combinatie met een psychische stoornis of een eetstoornis in combinatie met PTSS), nl persoonlijkheidsproblematiek en trauma/ PTSS.
  • Beschrijving professioneel netwerk:
    Niet van toepassing.
  • Onze instelling biedt zorg aan in:
    Er is sprake van een overgangssituatie waarbij we zowel werken met een onderscheid in generalistische basis-ggz en gespecialiseerde ggz als een indeling naar settings van het
    Zorgprestatiemodel. In de toekomst zal het eerste onderscheid komen te vervallen, DKP biedt zorg aan in:
    Setting 2 (ambulant – monodisciplinair)/ generalistische basis ggz:
    Hiervoor kunnen de volgende type beroepsbeoefenaren als indicerend regiebehandelaar optreden: GZ-psycholoog. Hiervoor kunnen de volgende type beroepsbeoefenaren als coördinerend regiebehandelaar optreden: GZ-psycholoog.
    Setting 2 (ambulant – monodisciplinair) / gespecialiseerde ggz:
    Hiervoor kunnen de volgende type beroepsbeoefenaren als indicerend regiebehandelaar optreden: GZ-psycholoog, klinisch psycholoog, psychiater. Hiervoor kunnen de volgende type beroepsbeoefenaren als coördinerend regiebehandelaar optreden: GZ-psycholoog, klinisch psycholoog, psychiater.
    Setting 3 (ambulant – multidisciplinair):
    Hiervoor kunnen de volgende type beroepsbeoefenaren als indicerend regiebehandelaar optreden: GZ-psycholoog, klinisch psycholoog en psychiater. Hiervoor kunnen de volgende type beroepsbeoefenaren als coördinerend regiebehandelaar optreden: GZ-psycholoog, klinisch psycholoog en psychiater
  1. Structurele samenwerkingspartners
    DKP werkt ten behoeve van de behandeling en begeleiding van cliënten samen met: huisartsen in Amsterdam. Zij verwijzen door voor diagnostiek en behandeling. DKP houdt hen op de hoogte door middel van de zogenaamde huisartsenbrief waarin een terugkoppeling wordt gegeven van onze bevindingen na de intake en diagnostiek en vervolgens na beëindiging van de behandeling waarin het verloop en het resultaat wordt beschreven. Dit alles echter slechts met instemming van de cliënt.

    Organisatie van de zorg
  2. Lerend netwerk
    DKP geeft op de volgende manier invulling aan het lerend netwerk van indicerend en coördinerend regiebehandelaren.
    DKP geeft als kleine zorgaanbieder (2-50 zorgverleners) op de volgende manier invulling aan het lerend netwerk van indicerend en coördinerend regiebehandelaren:
    DKP is verbonden met de volgende zelfstandige zorgaanbieders: psychiater Hans Vermeulen, psychiater Jean-François Ridders, klinisch psycholoog Els Loeb, gz-psycholoog Suzanne Greene, gz- psycholoog Esma Alouet, gz- psycholoog Roeland Schaddelee. Zij zijn allen werkzaam als ZZP’er bij DKP en ook vanuit hun eigen praktijk als zorgaanbieder. Hierbij wordt samengewerkt o.a. op de door DKP aangeboden dienstverlening zoals schematherapie waarvoor maandelijks intervisie plaatsvindt met gz-psycholoog Esma Alouet, gz-psycholoog Suzanne Greene, klinisch psycholoog Els Loeb: Els Loeb: Psychotherapie, advies en opleiding, heeft advies en samenwerking plaats op het gebied van behandeling in o.a groepsschematherapie. Bovendien maken de meesten regelmatig deel uit van het maandelijks multidisciplinair overleg, inclusief Jean Francois
    Ridders, psychiater.
  3. Zorgstandaarden en beroepsrichtlijnen
    DKP ziet er als volgt op toe dat:
    1 Zorgverleners bevoegd en bekwaam zijn:
    De kwaliteit van DKP’s (GZ) psychologen, psychotherapeuten en Registerpsychologen NIP wordt gehandhaafd door intervisie, supervisie, intercollegiale toetsing en deelname aan cursussen en congressen, georganiseerd door de beroepsverenigingen zoals het NIP (Nederlands Instituut van Psychologen) en VGCt (Vereniging voor Cognitieve Gedragstherapie) en VSt ( Vereniging voor Schematherapie ). Psychiaters zijn om de registratie van psychiater te behouden gehouden aan de bij- en nascholingseisen zoals deze zijn bepaald door de NVvP. De hulpverleners binnen DKP GGZ zijn BIG-
    geregistreerd en/of gewoon lid van een erkende specialistische Psychotherapievereniging of lid van de beroepsvereniging NIP (Nederlands Instituut van Psychologen). Psychiaters zijn lid van de VVPAO (Vereniging van Vrijgevestigde Psychiaters Amsterdam en Omstreken).
    2 Beleid met betrekking meldplicht/vergewisplicht en VOG:
    De bij DKP aanwezige BIG geregistreerden, zoals GZ-psychologen en psychiaters, zijn bij aanvang gecontroleerd op hun BIG registratie. Toekomstige BIG geregistreerde hulpverleners bij DKP, zoals GZ-psychologen en psychiaters zullen hierop worden gecontroleerd en zal navraag worden gedaan bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Voor zowel BIG als niet-BIG geregistreerden wordt een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) gevraagd en zal tevens navraag worden gedaan bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
    3 Zorgverleners volgens kwaliteitsstandaarden, zorgstandaarden en richtlijnen handelen:
    De zorgverleners van DKP werken volgens de Kwaliteitsstandaarden, bestaande uit zorgstandaarden, generieke modules en richtlijnen.
    Kwaliteitsstandaarden beschrijven vanuit het perspectief van patiënten en naasten wat onder goed professioneel handelen (goede zorg) wordt verstaan. De meest actuele kennis over klachten en passende behandeling is hierbij het uitgangspunt. Mede op basis van de kwaliteitsstandaard bepalen de patiënt (en diens naasten) en de zorgverlener, ieder met hun eigen expertise, samen wat de gewenste uitkomsten van zorg zijn en welke behandel- en ondersteuningsopties daarbij passend zijn.
    Zorgstandaarden zijn onderdeel van kwaliteitsstandaarden. Een zorgstandaard beschrijft het zorgproces nadrukkelijker vanuit het perspectief van de patiënt: wat kan ik als patiënt verwachten van de zorg? Het is een algemeen raamwerk op hoofdlijnen voor de behandeling van mensen met een bepaalde klacht. De zorgstandaard beschrijft de norm waaraan goede zorg voor een bepaalde klacht minimaal moet voldoen. Dit maakt het voor iedereen inzichtelijk wat zij kunnen en mogen verwachten in het behandeltraject.
    – In generieke modules staan zorgcomponenten of -onderwerpen beschreven die relevant zijn voor meerdere psychische stoornissen en/of somatische aandoeningen. Een generieke module haakt per definitie aan op een aantal andere kwaliteitsstandaarden, zowel voor specifieke psychische stoornissen als voor somatische chronische aandoeningen.
    – Daarnaast betrekt DKP bij haar behandeling de meest actuele richtlijnen: welke opties kan de zorgverlener aanbieden op basis van wetenschappelijke effectiviteit voor de verschillende klachten bestaande uit aanbevelingen, gericht op verbetering van kwaliteit van zorg die daardoor bijdraagt aan ondersteuning van de klinische (curatieve) besluitvorming. Als er wordt afgeweken van een richtlijn, dan wordt dit in het multidisciplinaire overleg geëvalueerd en besproken. Dit beleid wordt geborgd door het management review dat 2x per jaar plaatsvindt, het maandelijks Teamoverleg en
    het maandelijkse multidisciplinaire overleg (MDO). De kwaliteitsstandaarden vormen samen met o.a. beroepscodes en wetgeving de professionele standaard. Ze bieden een gedegen basis voor gezamenlijke besluitvorming en optimale zorg.

    4 Zorgverleners hun deskundigheid op peil houden:
    De kwaliteit van DKP’s zorgverleners, te weten: (GZ) psychologen, en Registerpsychologen NIP wordt intern gehandhaafd door intervisie, supervisie en intercollegiale toetsing door o.a. de maandelijkse deelname aan het multidisciplinaire teamoverleg. Bovendien is er sprake van korte lijnen tussen hoofdbehandelaar en behandelaren onderling in onze kleinschalige instelling, waardoor men elkaar snel kan spreken om (signalen van) problemen of vragen over behandeling of cliënten snel op te
    kunnen pakken en op te lossen.

    Opleidingsplan
    In het kader van de juiste zorg en om verantwoorde kwaliteit te kunnen blijven leveren is het voor DKP belangrijk dat de ZZP’ers en werknemers voldoen aan het volgende:
  4. Voor GZ-psychologen:
    Aangezien voor hen (nog) géén verdere opleidingsverplichting geldt, dat zij zich op korte termijn gaan specialiseren in cognitieve gedragstherapie en lid worden van de VGCT https://www.vgct.nl/. Tevens wordt aanbevolen om zich te gaan bekwamen in schematherapie https://www.schematherapie.nl/ in verband met een verantwoorde toepassing en effectieve behandeling van cliënten met persoonlijkheidsproblematiek.
  5. Voor niet-GZ psychologen:
    Dat zij zich op korte termijn zullen gaan specialiseren in cognitieve gedragstherapie en lid worden van de VGCT. Ook wordt aanbevolen om zich te gaan bekwamen in Schematherapie in verband met een verantwoorde toepassing en effectieve behandeling van cliënten met persoonlijkheidsproblematiek. De WO-psychologen zijn in het bezit van een LOGO-verklaring (volgens ZPM regels).
  6. Voor alle hulpverleners van DKP geldt bovendien, dat zij hun kwaliteit voor goede zorg handhaven door deelname aan cursussen en congressen, o.a. georganiseerd door de beroepsverenigingen zoals het NIP (Nederlands Instituut van Psychologen), VGCt (Vereniging voor Cognitieve Gedragstherapie) en NVvP (Nederlandse Vereniging
    voor Psychiatrie) welke inherent zijn aan de kwaliteit van deze verenigingen, waarin de hulpverleners hun wetenschappelijke thuis hebben, maar ook verplicht zijn om cursussen in het kader van (her)registratie te volgen en om hun registratie te kunnen behouden. In feite is het lidmaatschap zélf van bovengenoemde verenigingen en de controle hierop door DKP, een belangrijke borging van de kwaliteit van de zorgverleners en hun deskundigheid.
    Overige ontwikkeling / nieuwe inzichten. Tijdens het maandelijkse Teamoverleg komen ook mogelijke nieuwe wetenschappelijke inzichten en werkwijzen over hulpverlening aan de orde, die indien aan de orde, vervolgd worden met opleiding door de hulpverleners.
    Door deelname aan cursussen en congressen, o.a. georganiseerd door de beroepsverenigingen zoals het NIP en VGCt en VSt (Vereniging van Schematheapie), welke inherent zijn aan de kwaliteit van deze verenigingen, waarin de hulpverleners hun wetenschappelijke thuis hebben, maar ook verplicht zijn om cursussen in het kader van (her)registratie te volgen, om hun registratie te kunnen behouden. In feite is het lidmaatschap zélf van bovengenoemde verenigingen en de controle hierop, een belangrijke borging van de kwaliteit van de zorgverleners en hun deskundigheid. Op de betreffende sites van het BIG-register, VGCt en NIP zijn de namen van de betreffende hulpverleners te vinden waardoor mede het bewijs van het op peil houden van hun deskundigheid en hun kwaliteit gewaarborgd is. De psychiaters is om zijn registratie te behouden gehouden aan de bij – en nascholingseisen zoals deze zijn bepaald door de VVPAO (vereniging van psychiaters in Amsterdam en omstreken).
  7. Samenwerking
    Samenwerking binnen uw organisatie en het (multidisciplinair) overleg is vastgelegd en geborgd in het professioneel statuut (kies een van de twee opties): Ja
    Binnen DKP is het (multidisciplinair) overleg en de informatie-uitwisseling en -overdracht tussen regiebehandelaar en andere betrokken behandelaren als volgt geregeld: Binnen DKP bestaan korte lijnen tussen de psychiaters, de (coördinerend en/of indicerend) regiebehandelaars en medebehandelaars. Eén keer per maand vindt er een multidisciplinair overleg (MDO) plaats, waarvan psychiater en of klinisch psycholoog en (regie) behandelaren deel van uitmaken. Hierbij is ook een vaktherapeut/ psychomotorisch therapeut/ lichaamgsgericht therapeut aanwezig.
    Bij aanvang van het MDO is er de rondvraag door de voorzitter (klinisch psycholoog of psychiater) naar hetgeen er ingebracht wordt en welke cliënten besproken dienen te worden. Ook belangrijke praktische zaken die aan de orde zijn passeren de revue. De notulen worden gemaakt door een van de aanwezigen die zich hiervoor beschikbaar heeft gesteld. Daarna worden de ingebrachte cliënten besproken en geëvalueerd. Wanneer er sprake is van psychofarmacologie wordt er uitleg gegeven over de behandeling en behandelverloop door de psychiater en medebehandelaar.
    Tijdens dit multidisciplinair overleg, wordt ook besloten of er sprake is van doorverwijzing, bij zeer complexe problematiek, zoals autisme, verslaving of dreigende crisis. Mocht dit het geval zijn, dan zal de coördinerend regiebehandelaar mogelijk in overleg met de indicerend regiebehandelaar dit aan betrokken patiënt laten weten bij de eerstkomende sessie. Daarbij zal deze uitgebreid uitleg geven waarom het multidisciplinaire team tot dit besluit is gekomen. De indicerend regiebehandelaar zal
    dan na overleg met cliënt zorg dragen voor de doorverwijzing. Wanneer het cliënten betreft die farmacologische ondersteuning hebben, zal de indicerend regiebehandelaar in overleg samen met de psychiater zorg dragen voor doorverwijzing en overdracht. In beide gevallen zal echter eerst terugverwezen worden naar de huisarts.
    DKP hanteert de volgende procedure voor het op- en afschalen van de zorgverlening naar een volgend respectievelijk voorliggend echelon:
    DKP hanteert de volgende procedure voor het op- en afschalen van de zorgverlening naar een volgend, respectievelijk voorliggend echelon: Als het de generalistisch basis GGZ betreft wordt er altijd een aantekening gemaakt ter verantwoording van de gekozen prestatie, dit wordt ook in het behandelplan reeds gemeld. Mocht het voorkomen dat er wordt op- of afgeschaald naar een volgend of voorliggend echelon, naar aanleiding van een tussentijdse evaluatie door de regiebehandelaar, dan wordt dit in het dossier
    vermeld en met de cliënt overlegd, waarbij bij afschaling afspraken worden gemaakt om het aantal sessies te gaan beperken. Er wordt opgeschaald indien volgens de regiebehandelaar de prestatie onvoldoende blijkt om de stoornis te verhelpen. Dit zal achteraf in de terugkoppeling naar de verwijzer gemeld worden. Ook als er sprake is van opschaling van GB-GGz naar G-GGz zal de huisarts hiervan in kennis worden gesteld. In beide gevallen zal dit eerst met cliënt worden besproken.
    De algemene indicaties voor de verschillende behandeldiensten, alsmede de richtlijnen met betrekking tot het op- en afschalen van de GB GGz en G GGz, zijn hieronder weergegeven:
    Bij GB-GGz prestatie Kort:
    Opschalen: Indien volgens de regiebehandelaar (GZ- psycholoog) de dienst onvoldoende blijkt om de stoornis te verhelpen. Afschalen: Indien volgens de regiebehandelaar geen sprake meer is van een DSM stoornis
    Bij GB-GGz prestatie Middel:
    Opschalen: Indien volgens de regiebehandelaar (GZ- psycholoog) de dienst onvoldoende blijkt om de stoornis te verhelpen. Afschalen: Indien volgens de regiebehandelaar een kortere prestatie voldoende blijkt om de stoornis te verhelpen
    GB-GGz prestatie Intensief:
    Opschalen: Indien na overleg in het multidisciplinaire team, op basis van gebleken ernst, risico en/of complexiteit een traject in de G-GGz is geïndiceerd. Afschalen: Indien volgens de regiebehandelaar een kortere prestatie voldoende blijkt om de stoornis te verhelpen.
    GB-GGz prestatie Chronisch:
    Opschalen: Indien na overleg in het multidisciplinaire team, op basis van gebleken ernst, risico en/of complexiteit een traject in de G-GGz geïndiceerd is. Afschalen: Indien volgens de regiebehandelaar een kortere prestatie voldoende blijkt om de stoornis te verhelpen.
    G-GGz:
    Opschalen: indien na overleg in het multidisciplinaire team op basis van gebleken ernst, risico en/of complexiteit het zorgaanbod binnen DKP ontoereikend blijkt.
    Afschalen: Indien de klachten volgens de regiebehandelaar dusdanig verminderd zijn dat een traject in de GB-GGZ is geïndiceerd en zou volstaan.
    Binnen DKP geldt bij verschil van inzicht tussen bij een zorgproces betrokken zorgverleners de volgende escalatieprocedure:
    Wanneer er sprake is van een (dreigend) geschil, een verschil van zienswijze, tussen meerdere bij de cliënt betrokken zorgverleners, dan wordt dit tijdens het multidisciplinaire overleg besproken. Hierbij zal door alle aanwezige teamleden meegeluisterd en mee geëvalueerd worden, waarbij uiteindelijk democratisch voor de beste zienswijze gekozen zal worden. Hierbij speelt de hiërarchie tussen beide
    zorgverleners (bijvoorbeeld hoofdbehandelaar/regiebehandelaar enerzijds en behandelaar
    anderzijds) geen rol. Mocht dit onuitvoerbaar zijn bij gebrek aan consensus tussen de betrokken zorgverleners, dan zal worden uitgezocht in hoeverre samenwerking tussen de betrokken zorgverleners in dat specifieke geval, moet worden stopgezet of vervangen zal worden door een nieuwe combinatie van samenwerking. Mocht ook dit niet mogelijk blijken, dan zal doorverwijzing geïndiceerd zijn. Dit gehele proces zal, als er geen consensus bestaat tussen de direct betrokken zorgverleners, samen met hen, in overleg worden bepaald, waarbij de stem van de meerderheid van de aanwezige
    teamleden bepalend is. Iedereen zal zich dan bij die breed gedragen visie neerleggen.
  8. Dossiervoering en omgang met cliëntgegevens
    – Ik vraag om toestemming van de cliënt bij het delen van gegevens met niet bij de behandeling betrokken professionals: Ja
    In situaties waarin het beroepsgeheim mogelijk doorbroken wordt, gebruik ik de daartoe geldende richtlijnen van de beroepsgroep, waaronder de meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld (bij conflict van plichten, vermoeden van kindermishandeling of huiselijk geweld), het stappenplan materiële controle en ik vraag het controleplan op bij de zorgverzekeraar (bij materiële controle): Ja
    Ik gebruik de privacyverklaring als de cliënt zijn diagnose niet kenbaar wil maken aan zijn zorgverzekeraar/ NZA: Ja
  9. Klachten en geschillenregeling
    Cliënten kunnen de klachtenregeling hier vinden: Link naar klachtenregeling:
    – Cliënten kunnen met geschillen over een behandeling en begeleiding terecht bij
    De Geschillencommissie aangesloten: per 1.1.2017 of via het NIP (Nederlands instituut van Psychologen)

    III. Het zorgproces – het traject dat de cliënt in deze instelling doorloopt
  10. Wachttijd voor intake/probleemanalyse en behandeling en begeleiding
    Cliënten vinden informatie over wachttijden voor intake en behandeling en begeleiding via wachttijden voor intake en behandeling, of kunnen deze telefonisch opvragen). De informatie is –indien het onderscheid van toepassing is– per zorgverzekeraar en per diagnose.
  11. Aanmelding en intake/probleemanalyse
    De aanmeldprocedure is in de organisatie als volgt geregeld (wie ontvangt de telefonische aanmelding, wie doet de intake, hoe verloopt de communicatie met de cliënt): Bij DKP gaat de aanmelding en de intake/probleemanalyse als volgt:
  • Aanmelding: Cliënt meldt zich bij het kantoor van DKP middels telefoon, e-mail, of via het aanmeldformulier op de site . Ook kan hij/zij direct worden aangemeld door zijn/haar huisarts via de DKP site of per email.
  • Verificatie: Na een aantal formele stappen, zoals de benodigde verplichte verwijsbrief,
    duidelijkheid over de hulpvraag van de cliënt (zoveel als mogelijk) en verkregen helderheid in de vergoeding door de zorgverzekeraar.
  • Plaatsing: Op basis van de informatie in de verwijsbrief en door de cliënt geformuleerde
    hulpvraag wordt een match tussen cliënt en mogelijke behandelaar (behandelaren) gemaakt en bevestigd per email.
  • Cliëntgegevens in EPD en ZPM traject aanmaken. De verkregen gegevens van de cliënt
    worden door een medewerker van kantoor ingevoerd in het EPD. BSN-nummer en verzekering worden opgezocht en een ZPM traject wordt geopend.
  • Eerste afspraak: De kantoormedewerker maakt per email een afspraak met de cliënt voor het (eerste) intakegesprek met de indicerend regiebehandelaar.
  • Officiële documenten ter ondertekening: Cliënt ontvangt een tweetal formele documenten
    per email (Behandelingsovereenkomst en Algemene Voorwaarden). Deze documenten worden door cliënt ter ondertekend voorafgaand aan de eerste afspraak. Ook wordt cliënt de mogelijkheid geboden om een Privacyverklaring te tekenen.
  • Begintest – digitale vragenlijst. Cliënt ontvangt email met link naar een digitale vragenlijst (BSI) als begintest. Er wordt uitgelegd dat deze test als meetinstrument wordt gebruikt; de klachten worden tenminste bij aanvang en bij beëindiging van de behandeling gemeten om te zien wat de invloed van de behandeling is geweest.
    Voor de intake en probleemanalyse zie vraag 15B.

    Binnen DKP wordt de cliënt doorverwezen naar een andere zorgaanbieder met een passend zorgaanbod of terugverwezen naar de verwijzer –indien mogelijk met een passend advies- indien de instelling geen passend aanbod heeft op de zorgvraag van de cliënt: Ja
  1. Indicatiestelling
    Beschrijf hoe de intake/probleemanalyse en indicatiestelling binnen DKP is geregeld (hoe komt de aanmelding binnen, hoe komt de afspraak met de cliënt voor de intake tot stand, wie is in de intakefase de regiebehandelaar en hoe komt die beslissing tot stand (afstemming met cliënt), waaruit bestaan de verantwoordelijkheden van de regiebehandelaar bij het stellen van de diagnose):
  • De aanmelding verloopt zoals eerder hierboven beschreven.
  • De intake: gebeurt doorgaans door (en soms onder verantwoordelijkheid van) de indicerend regiebehandelaar. In dit eerste inhoudelijke contact wordt door de behandelaar een globale intake/probleem analyse gemaakt en geregistreerd op het elektronische intakeformulier wat in het EPD van de cliënt wordt opgeslagen. De intaker brengt met cliënt de problemen verder in kaart en wat de behandeling moet zijn, de zogenaamde zorgbehoefte van cliënt. Het is mogelijk dat er meer dan 1 intakegesprek nodig is. De behandelaren maken, in de regel, zelf hun vervolgafspraken met de cliënt.
  • Diagnostisch onderzoek. Indien nodig, volgt er verder diagnostisch onderzoek na de intake.
  • Diagnose. Daarna wordt door de indicerend regiebehandelaar de diagnose gesteld.
  • Adviesgesprek. Hierna heeft er een adviesgesprek tussen indicerend regiebehandelaar en
    cliënt plaats. De behandelaar neemt de Zorgvraagtypering samen met de cliënt door en in het adviesgesprek ontvangt cliënt op basis van zijn/haar zorgbehoefte en diagnose een advies over welke behandeling een oplossing kan bieden voor zijn/haar problemen. Samen nemen cliënt en indicerend regiebehandelaar hierover een besluit. Als de indicerend regiebehandelaar twijfelt over de indicatie, zal dit nader onderzocht en overlegd worden in het multidisciplinair overleg (MDO), een expert
    panel, dat maandelijks bij elkaar komt. Als DKP voor de cliënt niet de best passende behandeling in huis heeft, dan geven we de cliënt advies en informatie over geschikt behandelaanbod elders of wordt de cliënt terugverwezen naar de verwijzer. Hiermee ronden wij onze intake, indicatiestelling en diagnostiek af.
  • Behandelplan. De indicerend regiebehandelaar met wie (of onder wiens
    verantwoordelijkheid), de intake heeft plaatsgevonden is verantwoordelijk voor de diagnostiek en stelt daarna samen met cliënt een (voorlopig) behandelplan op.

    Gedurende bovenstaande stappen, vanaf de intake tot aanvang van de behandeling, valt de cliënt onder de verantwoordelijkheid van de indicerend regiebehandelaar.
    De coördinerend regiebehandelaar zal daarna (de verantwoordelijkheid voor) de behandeling op zich nemen. Vanwege de kleinschaligheid van DKP kan dezelfde hulpverlener met de rol van indicerend regiebehandelaar ook de coördinerend behandelaar zijn, en de behandeling kan worden uitgevoerd door een medebehandelaar (onder verantwoordelijkheid van de coördinerend behandelaar).
  1. Behandeling en begeleiding
    – Het behandelplan wordt als volgt opgesteld (beschrijving van proces en betrokkenheid van patiënt/cliënt en (mede-)behandelaren, rol (multidisciplinair) team): Voorafgaand aan de behandelfase wordt eerst het behandelplan opgesteld. De procedure is als volgt:
    na de intakeprocedure en in de diagnostische fase, en wanneer cliënt en regiebehandelaar het in of na het adviesgesprek eens zijn over het starten van de behandeling, wordt er naar aanleiding van de hulpvraag en de diagnose door middel van het Zorgvraagtyperingsinstrument (ZVT) een zorgpad geselecteerd en het behandelplan opgesteld en door de cliënt ondertekend. Zowel de diagnose als het bijbehorende zorgpad zijn dan bij het multidisciplinaire overleg (MDO)aan de orde geweest.
    Het behandelplan opstellen. Het behandelplan wordt door de indicerend regiebehandelaar in samenspraak met de cliënt opgesteld aan de hand van het format “Behandelplan
    Zorgprestatiemodel” van DKP. Hierin zijn o.a. de wensen van de cliënt en doelen van de behandeling SMART beschreven. Het is in de ik-vorm door cliënt beschreven, precies zoals cliënt het zelf wenst. Ook staat er beschreven hoe de cliënt en de (mede)behandelaar(s) deze doelen willen bereiken (specifiek geformuleerd) en de tijdsperiode en het aantal sessies die we denken daarvoor nodig te hebben om een verbetering van de klachten te kunnen verwachten (de zogenaamde “Inschatting van
    de duur van de behandeling” ofwel, de prognose indicatieve periode van zorg).
    Door het behandelplan beiden te ondertekenen gaan zowel cliënt als indicerend regiebehandelaar akkoord met de inhoud van het behandelplan. Een exemplaar is voor de cliënt en wordt via de Cliënt Portal ter beschikking gesteld, het andere exemplaar wordt gescand en opgeslagen in het EPD.
    De behandeling zal regelmatig worden geëvalueerd. Daardoor kan het behandelplan t.z.t. mogelijk aangepast worden wanneer dat aan de orde is. Dit zogenaamd ‘Aangepast behandelplan’ zal ook weer SMART beschreven worden in de ik-vorm en door de cliënt voor akkoord ondertekend. Aan de hand van het behandelplan wordt bij DKP de behandeling zodanig uitgevoerd dat deze zowel voldoet aan de wensen en behoeftes van de cliënt als aan de geldende wet- en regelgeving.
    – Het centraal aanspreekpunt voor de cliënt tijdens de behandeling is de regiebehandelaar (beschrijving rol en taken regiebehandelaar in relatie tot rol en taken medebehandelaars): De behandelaar is de coördinerend regiebehandelaar. Aangezien DKP een kleine organisatie is, is de coördinerend regiebehandelaar vaak ook dezelfde hulpverlener als de gewezen indicerend regiebehandelaar. Als indicerend /coördinerend regiebehandelaar legt hij verantwoording af tijdens het MDO. De coördinerend regiebehandelaar kan vervolgens het behandeltraject geheel zelfstandig uitvoeren of de (deel)behandeling overlaten aan de medebehandelaars, waarbij de coördinerend regiebehandelaar direct betrokken blijft, middels o.a. kort collegiaal overleg met de medebehandelaar, multidisciplinair overleg (MDO) en regelmatige evaluaties met de cliënt.
    – De voortgang van de behandeling wordt binnen DKP als volgt gemonitord (zoals voortgangsbespreking behandelplan, evaluatie, vragenlijsten, ROM):
    Evaluatie van de behandeling:
    Al voor de intake wordt er gemonitord door afname van de ROM-vragenlijst, de
    klachtenscreeningslijst BSI, waarmee het behandelresultaat gedurende de behandeling bij aanvang, tussentijds en beëindiging wordt gemonitord.Tijdens de behandeling kan ook gedurende de therapiesessies worden geëvalueerd, zo nodig over het bijstellen van de doelen en/of over de tijdsduur. Cliënt is hierbij zelf van harte uitgenodigd om dit ter sprake te brengen als dit voor hem /haar aan de orde is. Hiervan wordt dan melding gemaakt in het EPD en besproken tijdens het multidisciplinair overleg. Het monitoren en evalueren van de voortgang van de behandeling, waarbij terugkoppeling naar het
    behandelplan plaatsvindt, gebeurt door evaluaties met de cliënt gedurende de gehele behandeling. Dit gebeurt in allereerste instantie met zijn directe (mede)behandelaar tijdens de sessies en, op regelmatige basis, ca vier keer per jaar met de coördinerend regiebehandelaar.
    – Binnen DKP reflecteert de regiebehandelaar samen met de cliënt en eventueel zijn naasten de voortgang, doelmatigheid en effectiviteit van de behandeling en begeleiding als volgt(toelichting op wijze van evaluatie en frequentie):
    Het monitoren en evalueren van de voortgang van de behandeling, waarbij terugkoppeling naar het behandelplan plaatsvindt, gebeurt door evaluaties met de cliënt gedurende de gehele behandeling. Dit gebeurt in allereerste instantie met zijn directe (mede)behandelaar tijdens de sessies en op regelmatige basis, ca vier keer per jaar met de coördinerend regiebehandelaar. Afhankelijk van de Zorgvraagtypering vindt evaluatie bovendien nog op bepaalde vaste momenten plaats, zoals beschreven volgens de inschatting van de duur van de behandeling, ofwel de prognose indicatieve periode van zorg: variërend van 12 weken tot 1 jaar na start behandeling. Deze evaluatie(s) worden ingepast in de geplande evaluaties. Samen met de regelmatig verkregen scores, de kwaliteit en continuïteit van het (steeds actuele) behandelplan wordt zo de kwaliteit van de behandeling gewaarborgd. Uiteindelijk zal deze lijn van het monitoren van de voortgang, – de doelmatigheid en de effectiviteit van de behandeling -,
    bijdragen en resulteren in reductie of het verdwijnen van de klachten, waardoor de behandeling kan worden afgebouwd en beëindigd.
    Samenwerking en ondersteuning van naasten van mensen met psychische problematiek die bij DKP in behandeling zijn is vastgelegd en geborgd in het Blue Book van DKP (het professioneel statuut). Dat betekent automatisch dat ook de naasten van cliënt op de hoogte worden gehouden van de voortgang, doelmatigheid en effectiviteit van de behandeling mocht dat aan de orde zijn. Dit uiteraard altijd met toestemming van cliënt.
    De tevredenheid van cliënten wordt binnen DKP op de volgende manier gemeten (wanneer, hoe): (Enkele weken) voor het einde van het traject ontvangt de cliënt een cliënttevredenheidsenquête (de CQi-GGZ-VZ-AKWA) via het EPD met het verzoek deze in te vullen. Via het EPD van cliënt zijn de toegekende scores voor DKP zichtbaar.
  2. Afsluiting/nazorg
    – De resultaten van de behandeling en begeleiding en de mogelijke vervolgstappen worden als volgt met de cliënt en diens verwijzer besproken (o.a. informeren verwijzer, advies aan verwijzer over vervolgstappen, informeren vervolgbehandelaar, hoe handelt instelling als cliënt bezwaar maakt tegen informeren van verwijzer of anderen):
    Doel van de formele afsluiting
    Het doel van de formele afsluiting van een behandeling is:
  3. Het zorg dragen voor een goede afsluiting van de behandeling naar de verwijzer, of
  4. juiste overdracht naar derden, indien de cliënt elders in behandeling gaat en
  5. zorgen voor een juiste administratieve afhandeling, eindfacturering en het afsluiten van het behandeldossier van de cliënt.

    Proces van de formele afsluiting
    Als blijkt dat de behandeling kan worden afgesloten omdat cliënt zich voldoende geholpen voelt, wordt bij de formele afsluiting de cliënt op de hoogte gesteld van een eindmeting door middel van de ROM-test, de BSI, die via het EPD (en Embloom) zal worden aangeboden, met het verzoek deze in te vullen. Eveneens wordt cliënt verteld dat er, uitsluitend met toestemming van de cliënt, een ontslagbrief aan de huisarts zal worden gestuurd met daarin vermeld het behandelproces, het behandelresultaat, inclusief de ROM-metingen en de reden van afsluiting. De resultaten van de behandeling en de mogelijke vervolgstappen worden als volgt met de cliënt en diens verwijzer (indien de cliënt daar toestemming voor gegeven heeft) besproken. Indien cliënt geen toestemming geeft voor het doorgeven van inhoudelijke informatie over zijn behandeling, zal de info zich beperken tot louter formele informatie met de kennisgeving dat de behandeling werd beëindigd. Bij een externe doorverwijzing naar een GGZ-instelling waar de
    gewenste expertise en faciliteiten aanwezig zijn zal dit aan de huisarts gemeld worden. DKP zal de vervolgbehandelaar informeren over de behandelperiode, de behaalde resultaten en de reden voor aanmelding bij de vervolgbehandelaar. Hiervoor zal ook de informatie voor machtiging in acht genomen en in orde gebracht worden.
    De streeftijd voor het sturen van de ontslagbrief aan de huisarts is binnen drie weken na ontslag. Na deze periode wordt het administratieve gedeelte van het EPD afgesloten om tot de eind facturering over te kunnen gaan. Hierbij wordt, indien cliënt dit wenst, er o.a. uitleg gegeven over de aard van de facturering en de daarop vermelde directe tijd.
    – Cliënten of hun naasten kunnen als volgt handelen als er na afsluiting van de behandeling en begeleiding sprake is van crisis of terugval:
    Cliënten en/of hun naasten kunnen als volgt handelen als er na afsluiting van de behandeling sprake is van crisis of terugval:
    Als er sprake is van terugval van een cliënt binnen de GGZ, dan kan de cliënt binnen een bepaalde tijd (gedefinieerd in het ZPM) zonder dat er een nieuwe verwijsbrief van de huisarts vereist is, direct contact opnemen met DKP voor het maken van een afspraak. Samen met cliënt zullen we dan nagaan wat de reden is van de terugvalpreventie. We zullen zo nodig dan de therapie hervatten. Is er wel een nieuwe verwijsbrief nodig dan zullen wij cliënt terugverwijzen naar de huisarts voor de verwijsbrief, waarna er zo spoedig mogelijk weer een afspraak gepland kan worden. Hiertoe zullen wij indien nodig en op verzoek van de cliënt in contact treden met de huisarts.
    Mocht er sprake zijn van een crisis, dan is dat gezien het aannamebeleid van DKP geen terugval op de aanmeldklacht; mensen die bij aanmelding in crisis zijn worden door DKP niet behandeld doch doorverwezen, dan zal DKP de cliënt direct naar de huisarts verwijzen of op andere wijze hulp bieden zoverre dat binnen de mogelijkheden van DKP valt.
    IV. Ondertekening
    Naam bestuurder van DKP:
    dhr W.A.T. Krebbers, Directeur DKP
    Plaats:
    Amsterdam
    Datum:
    3.12.2025
    Ik verklaar dat ik me houd aan de wettelijke kaders van mijn beroepsuitoefening,
    handel conform het Landelijk kwaliteitsstatuut ggz en dat ik dit kwaliteitsstatuut
    naar waarheid heb ingevuld: Ja
    Bij het openbaar maken van het kwaliteitsstatuut voegt de ggz-instelling de
    volgende bijlagen op de registratiepagina van www.ggzkwaliteitsstatuut.nl toe:
    Een afschrift/kopie van het binnen de instelling geldende kwaliteitscertificaat (HKZ/NIAZ/JCI en/of ander keurmerk);
    Haar algemene leveringsvoorwaarden;
    Het binnen de instelling geldende Professioneel Statuut, waar de genoemde escalatie-procedure in is opgenomen.