Direct naar content

Angsten

Angst is een normale en gezonde reactie op bedreigende situaties. Iedereen heeft wel eens een angstig gevoel. Maar wat als dat gevoel steeds weer terugkomt terwijl daar geen reële aanleiding voor is. Het hebben van angstklachten maakt het risico op het krijgen van een angststoornis aanzienlijk groter.

Wat is een angststoornis?

Een angststoornis is een verzamelnaam voor verschillende stoornissen met pathologische angst waarbij de angst aanleiding geeft tot aanhoudend subjectief lijden en/of tot een belemmering van het sociaal functioneren. Pathologische angst kan bij veel andere psychische aandoeningen voorkomen maar wanneer angst het belangrijkste symptoom is, spreekt men van een angststoornis.

Soorten angststoornissen:

Gegeneraliseerde angststoornis (GAS)

We spreken van een gegeneraliseerde angststoornis (GAS) wanneer je buitensporig en constant angstig en bezorgd bent over allerlei onderwerpen of dagelijkse gebeurtenissen. Dat kan gaan over de relatie, over werk, de gezondheid van jezelf of anderen. Een veel voorkomende specifiek klacht binnen deze stoornis is dan ook het enorme piekeren, waar men het grootste gedeelte van de dag mee bezig is.

Gevolgen van GAS zijn vaak:

  • piekeren
  • rusteloosheid
  • vermoeidheid
  • prikkelbaarheid
  • concentratieproblemen
  • spierspanning
  • de klachten kosten veel tijd en energie
  • klachten kunnen tevens leiden tot een depressie

Specifieke of enkelvoudige fobie

Als je een specifieke fobie hebt dan heb je een intense angst voor situaties of voorwerpen die je vermijdt of met grote angst doorstaat. De angst is duidelijke overdreven en onredelijk. Beroepsmatig is dit extra stresserend, omdat hiermee ook de baan of de opleiding gevaar loopt. Denk aan een advocaat met spreekangst, een piloot met hoogtevrees, of een student geneeskunde die bezig is een bloedfobie te ontwikkelen.

Bekende specifieke fobieën:

  • dieren, zoal spinnen of muizen.
  • natuurlijke situaties, zoals water, stormen of hoogtes.
  • bloed, injecties of verwondingen.
  • specifieke plekken, zoals liften en vliegtuigen of in een auto.
  • situaties waarin men zich kan verslikken of kan braken

Sociale fobie

We spreken van een sociale fobie of sociale angststoornis wanneer je gespannen en angstig bent in sociale situaties en deze situaties vermijdt of met veel angst ondergaat, omdat je voortdurend bang bent dat je door anderen kritisch beoordeeld wordt. Een sociale-angststoornis kan betrekking hebben op één specifieke situatie of op een groot aantal sociale situaties.

Voorbeelden van sociale fobie:

  • men is bang zichzelf in gezelschap belachelijk te maken door bijvoorbeeld te blozen, te trillen of te gaan zweten.
  • angst om iemand te ontmoeten
  • angst om te telefoneren
  • angst om in het openbaar te spreken
  • angst om in een restaurant te eten

Paniekstoornis

Er is sprake van een paniekstoornis, wanneer je regelmatig, zonder aanleiding, een paniekaanval hebt en tussendoor steeds angst hebt om een nieuwe paniekaanval te krijgen. Een paniekstoornis ontstaat meestal bij mensen van begin 20. Een onbehandelde paniekstoornis is chronisch en gaat vaak samen met andere angststoornissen en/of depressies.

Kemerken van een paniekstoornis:

  • het gevoel dat je de controle over jezelf verliest, gek wordt of doodgaat. 
  • angstklachten, zoals: benauwdheid, snelle hartslag, duizeligheid, licht in het hoofd, tintelingen en kortademigheid.
  • het gevoel dat de omgeving er anders uitziet
  • catastrofale interpretaties over de betekenis van onschuldige klachten die kunnen leiden tot paniek.

Paniekstoornis: pleinvrees of agorafobie

Mensen met een paniekstoornis vertonen ook vaak agorafobie, ook wel pleinvrees genoemd. Als je last hebt van pleinvrees, vermijd je plekken als drukke winkels of openbaar vervoer omdat die voor een paniekaanval kunnen zorgen. Ook kan je bang zijn om in de auto te rijden bijvoorbeeld op snelwegen of in een tunnels. Tijdens zo’n aanval kun je plotseling erg bang zijn, zweten en hartkloppingen hebben. Het kan zelfs voelen alsof je een hartaanval hebt of dood gaat.

Kenmerken van agorafobie:

  • Angst voor en vermijding van situaties waaruit men denkt moeilijk te kunnen ontkomen of waarin men moeilijk hulp zou kunnen krijgen als zich een paniekaanval voordoet. 
  • Bang voor de eventuele negatieve reacties van omstanders op een paniekaanval, waardoor ze zich generen of niet de hulp krijgen die denken nodig te hebben. 
  • Situaties en plekken die vaak vermeden worden zijn winkels, grote rijen aan de kassa, restaurants en openbaar vervoer.
  • Lichamelijke inspanningen worden vaak vermeden omdat men bijvoorbeeld bang is om een hartaanval te krijgen. 

Hieronder is een educatief filmpje van VGCT over paniek te zien:

Cognitieve gedragstherapie bij paniek – VGCT

Negatief zelfbeeld

Jezelf vergelijken met anderen is heel normaal. Wanneer je jezelf echter voortdurend vergelijkt vanuit de overtuiging dat je niet goed genoeg bent is er meer aan de hand. Van een negatief zelfbeeld is sprake wanneer iemand het gevoel heeft minderwaardig of mislukt te zijn, niets voor te stellen, of er niet bij te horen, terwijl dat niet klopt. Situaties kunnen worden vermeden uit angst om te falen, of dat je er alles aam doet om maar niet door de mand te vallen. Een negatief zelfbeeld vergroot het risico op de ontwikkeling en instandhouding van verschillende psychische stoornissen. Een negatief zelfbeeld is een risicofactor voor terugval.

Kenmerken van een negatief zelfbeeld:

  • je kraakt jezelf voortdurend af.
  • je vergelijkt jezelf vaak met anderen, die altijd beter lijken.
  • het gevoel er niet bij te horen, de mindere of mislukt te zijn.  
  • door een pessimistische kijk op eigen kunnen schrik je terug voor nieuwe stappen.
  • ook al zegt je omgeving dat je goed functioneert, je blijft sterk benadrukken wat niet goed gaat.
  • situaties kunnen worden vermeden uit angst om te falen, of dat je er alles aam doet om maar niet door de mand te vallen.
  • piekeren, over wat anderen van je vinden of zullen zeggen als je vindt dat je weer iets ‘stoms’ of ‘raars’ hebt gedaan.

Dwangstoornis

Iemand met een dwangstoornis(ofwel een obsessief-compulsieve stoornis, of OCS genoemd)heeft last van dwanggedachten;steeds terugkerende gedachten, neigingen of (denk) beelden, die als misplaatst of opdringerig beleefd worden en/of dwanghandelingen, die je voor je gevoel steeds weer moet uitvoeren om de spanning door de dwanggedachten te reduceren. De gedachten en/of handelingen nemen veel tijd in beslag en zorgen voor serieuze problemen in het dagelijkse leven.

Voorbeelden van een dwangstoornis:

Dwanggedachten, (denk)beelden of impulsen, hebben vaak een:

  • gewelddadige inhoud met name jegens kinderen en kwetsbaren.
  • seksuele inhoud
  • of gaan over ongepaste handelingen in het openbaar 

Dwanghandelingen zoals je huisdeur, of gaskraan controleren, ( ook in je hoofd kan je dwanghandelingen uitvoeren. Bijvoorbeeld innerlijk een bepaalde getallen, of woorden opzeggen. 

Verhelpen van angststoornissen

DKP behandelt nagenoeg alle psychische klachten, de mildere en de meer complexe psychische problematiek. De eerste keuze voor de behandeling van een angststoornis is Cognitieve gedragstherapie.

Ga naar de behandeling om hier meer over te lezen of meld je direct aan.

Aanmelden

Voor diagnostiek, behandeling, coaching en onze andere diensten kunt u zich melden bij ons secretariaat. Dit kan telefonisch, per email of via het aanmeldformulier op onze site.